Zuurstof in een woning

Wat is het risico?

Mensen met luchtwegaandoeningen hebben soms zuurstofcilinders in huis. Bij het gebruik of bewaren van een zuurstoffles is een grotere kans op brand aanwezig. Sommige stoffen gaan makkelijker branden als er meer zuurstof in de lucht zit. Organische stoffen zoals bijvoorbeeld kleding, beddengoed, papier en sommige kunststoffen zullen snel en fel branden. Oliën en vetten kunnen soms zelfs tot zelfontbranding overgaan.

Welke tips kun je geven?

  • Zet een zuurstofcilinder zo neer dat die niet kan omvallen en bevestig de cilinder met een riem of ketting aan een vast punt.
  • Je mag een transportwagentje gebruiken, als je de cilinder bevestigt aan het wagentje.
  • Zet een zuurstofcilinder niet in de buurt van verwarmingselementen.
  • Ventileer een ruimte waar zuurstof wordt gebruikt regelmatig.
  • In ruimten waar zuurstof wordt gebruikt mag geen ‘open vuur’ (straalkachel, kooktoestel, geiser, open haard) aanwezig zijn en is roken niet toegestaan.
  • Gebruik nooit olie of vet bij een zuurstofcilinder.
  • Draai een zuurstofcilinder nooit open of dicht met vette handen.
  • Zet een lekkende fles buiten en waarschuw de leverancier.
  • Sluit een zuurstofcilinder nooit aan in de buurt van ‘open vuur’.
  • Ventileer de ruimte waar een zuurstofcilinder wordt verwisseld.
  • Bewaar een maximale voorraad van 50 (water) liters.
  • Bewaar reserve-cilinders zoveel mogelijk in een ruimte buiten de woning.
  • Stel je brandverzekering op de hoogte. De verzekeraar wil op de hoogte zijn van een verhoogd risico. Meestal heeft de melding ‘zuurstof in huis’ geen gevolgen voor de premie die je betaalt.
  • Volg verder de veiligheidsmaatregelen op die de zuurstofleverancier aangeeft voor jouw situatie.
  • De zuurstofleverancier heeft stickers waarop staat dat er zuurstof aanwezig is, voor in de meterkast, op de voordeur en op de plek waar de zuurstof wordt bewaard. Maak hier gebruik van. De brandweer kijkt hier meteen bij een eventuele calamiteit.

Foto's